Willem Arondéus
Willem Arondéus (1894-1943) was een Nederlandse schilder, schrijver en verzetsstrijder. In 1943 werd hij gefusilleerd vanwege een aanslag op het Amsterdamse bevolkingsregister. Hiernaast is Arondéus bekend geworden om de open manier waarmee hij al vanaf de jaren tien met zijn homoseksualiteit omging.
AUTEUR: Patrieck de Haan
THEMA: Iconen, protest, Cultuur
Een onzeker bestaan

Willem ‘Tiky’ Arondéus was een bijzonder figuur, die pas met het verzet in de oorlog een echt doel in zijn leven kreeg. Hij was dolend en dwalend, zelden ergens op zijn plek en snel uitgekeken op dingen. Bovendien was hij enorm onzeker: over zijn homoseksualiteit, maar ook breder over wie hij nou eigenlijk was en wat zijn passies waren.

Arondéus werd geboren in 1894, te Naarden. Hij verhuisde al snel met zijn ouders mee naar Amsterdam, waar zij een kostuumverhuurbedrijf voor toneelspelers begonnen. Op dertienjarige leeftijd begon hij aan een schildersopleiding op de Kunstnijverheidsschool in Amsterdam. Tussen de ‘kleurige stoffen, vreemde hoofddeksels, gazen sluiers, versleten fluweel en verkreukelde kunstbloemen’ rondde hij deze studie af, maar daarna wilde hij weg.

Na 1914 keerde hij terug naar het Gooi en kwam daar in contact met kunstenaarskringen. Arondéus woonde enige tijd in het kunstenaarsdorp Blaricum. Hij dichtte, schilderde en hield intensief dagboeken bij, waarin hij voor het eerste zijn homoseksuele gevoelens uitte. Binnen zijn seksuele en artistieke zoektocht vond hij niet wat hij zocht en hij ‘vluchtte’ naar Parijs, de stad van de liefde en kunst. Altijd geplaagd door geldgebrek schreef hij op een bepaald moment: ‘Ik vervloek deze armoede – het brengt me soms tot wanhoop die op de rand van zelfmoord huist.'

Voor Arondéus was het gras altijd groener aan de overkant. In de liefde, maar ook in waar hij woonde en wat hij deed. Dit bleek wel toen hij na zijn Parijse tijd op Urk ging wonen. Hier werd hij verliefd op een visser. Na een tijd op zijn plek geweest te zijn hier, lonkte toch weer de grote stad. Hij nam in deze tijd alle opdrachten aan. Wandschilderingen, tapijten, reclameposters, kerstzegels, zolang het hem maar geld opleverde. Dit loonde, want in 1935 kon hij het zich veroorloven om zich toe te leggen op het schrijven van romans, waarvan hij er in uiteindelijk twee zou publiceren.

Hij woonde inmiddels weer in Amsterdam, waar hij een relatie kreeg met de Apeldoornse groenteboer Gerrit Jan Tijssen. Echter op zowel liefdes- als werkgebied bleef de twijfel overheersen. 'Heb ik wel liefde, wel waarachtig liefde voor iemand (…) of is alles maar schijnbaar, maar tijdelijke geëmotioneerdheid?’ Een getob waar hij niet uit kwam, tot hij in de vorm van de Duitse bezetter iets kreeg om zich tegen af te zetten.

Het verzet als roeping

Waar Willem Arondéus soms geen raad wist met zijn gevoelens rondom liefde en zingeving, zat het met zijn rechtvaardigheidsgevoel wel goed. Toen hij door kreeg hoe de Duitse bezetter via de door hen in 1941 ingestelde Kultuurkamer het culturele leven in Nederland volledig probeerde te beheersen, verzette hij zich hiertegen.

Zijn inspanningen verschoven in 1942 naar het vervalsen van persoonsbewijzen voor Joden. Dit deed hij samen met wat later de ‘Gerrit van der Veengroep’ is gaan heten, maar het had net zo goed de ‘Willem Arondéusgroep’ genoemd kunnen worden. Een lid van de groep en overlevende van de oorlog sprak later van een echte aanvoerder: ‘geen spoor van zenuwen, geen spoor van angst, zeer doelbewust’. Ook Frieda Belinfante, de bekende lesbische dirigente, was actief voor deze groep.

Op 27 maart 1943 nam Tiky deel aan de aanslag op het bevolkingsregister in Amsterdam. Dit deed de groep omdat de Duitse bezetters de vervalste persoonsbewijzen naast de documenten uit het bevolkingsregister aan het leggen waren, waarmee ze zonder twijfel de groep op het spoor zouden komen. De aanslag was grotendeels succesvol, maar Arondéus werd al snel opgepakt en vastgezet. Bij  het proces speelde de homoseksualiteit van een aantal van haar leden een duidelijke rol. Enkele maanden later werd hij geëxecuteerd. ‘Vertel de mensen dat homoseksuelen geen zwakkelingen hoeven te zijn,’ zou hij volgens haar verhaal lang na de oorlog zijn advocate Lau Mazirel verteld hebben.

De stoere hetero Van der Veen sprak na de oorlog veel mensen aan. Het resulteerde erin dat er over Gerrit van der Veen al snel na de oorlog boeken werden geschreven, maar Willem Arondéus’ naam min of meer in de vergetelheid raakte. Na een documentaire over Lau Mazirel in 1984 stuitte journaliste Toni Boumans steeds vaker op de naam Arondéus, en uiteindelijk maakte ze in 1990 een televisiedocumentaire over hem. In 2003 publiceerde Rudi van Dantzig een biografie over Arondéus.

Inmiddels wordt Arondéus op de website van het Verzetsmuseum en op Wikipedia Arondéus samen met Gerrit van der Veen genoemd als leiders van de aanslag – een belangrijke herschikking van de feiten.

VERDER LEZEN/KIJKEN

Het leven van Willem Arondéus 1894-1943. Een documentaire (Amsterdam 2003), biografie van Willem Arondéus, geschreven door Rudi van Dantzig.

Herman Morssink schilderde in 2018 een modern portret van Willem Arondéus.

Een website als digitaal monument voor Willem Arondéus. Op Afzijdige strofen kun je enkele van zijn kunstwerken zien en zijn enkele van zijn gedichten te lezen.

 

Fotocredits
Getoonde materialen komen uit het IHLIA-archief, tenzij anders vermeld. Van links naar rechts, boven naar beneden:

Boekcover 'Het leven van Willem Arondéus: 1894-1943: een documentaire' door Rudi van Dantzig. Op nagelaten dagboeken en correspondentie gebaseerde biografie over Willem Arondéus. Zijn openhartigheid over zijn homoseksualiteit was zo rond de jaren 20 van de 20ste eeuw op zijn minst opmerkelijk te noemen. Zijn liefde voor de Urker visser Jurie Anker en later voor de jonge Veluwse tuinder Gerrit Jan Tijssen, waarmee hij telkens ging samenwonen, zijn aanleiding tot vaak bittere zelfontledingen. Uitgegeven door: De Arbeiderspers in Amsterdam (2003)

Boekcover 'Onbekwaam in het compromis: Willem Arondéus, kunstenaar en verzetsstrijder' door Marco Entrop. Uitgegeven door: Lubberhuizen in Amsterdam (1993)

Biografie 'Schilderkunstige avonturen (leven en werken van Giorgio Vasari)' door Willem Arondéus. In het leven van Vasari figureren o.a. Aretino en de Medici's. Uitgegeven door: Nederlandsche Keurboekerij in Amsterdam (1946)

Biografie 'Matthijs Maris: de tragiek van den droom' door W. Arondéus; met een inl. van M. Nijhoff. Uitgegeven door: Em. Querido in Amsterdam (1945)

Still van een fragment uit 'Na het feest zonder afscheid verdwenen. Notities uit het leven van Willem Arondéus' door Toni Boumans. Documentaire over het leven van Willem Arondéus. Aan de hand van zijn dagboeken en brieven en met behulp van tijdgenoten wordt zijn leven gereconstrueerd. Ook een interview met celliste Frieda Belinfante. Zij zat samen met Arondéus in het verzet (1990)

Tijdschriftartikel 'Toni Bouwmans' filmportret van de verzetsstrijder Willem Arondeus: wel een Gerrit van der Veenstraat maar geen Willem Arondeusplein' door Paul Verstraeten voor Homologie. Recensie van de film die Toni Boumans (m.m.v. Digna Sinke) heeft gemaakt over Willem Arondeus, homosexueel en leider van het kunstenaarsverzet, en die op 26-04-1990 door de VARA is uitgezonden (1990)

Wit met groene button met daarop een foto van rijtje homoseksuele gevangenen in de tweede wereldoorlog. Er doorheen staat in gele letters: 'een keer, nooit weer' (1979)

Literatuur en bronnen

Marco Entrop, “‘Een droomen van de monden nooit bezeten”. Homo-erotische verzen van Willem Arondéus’. In De Parelduiker 1 (2001) 47-51.

Carl Friedman, ‘Het tragische lot van een homoseksuele held’. In Trouw, 6 september 2003.

Paul Hofman, ‘Roze in Verzet: “We geven mensen een gezicht”’. In Gaykrant, 2 mei 2018.

Klaus Müller, ‘Het is zoo licht om in liefde van het leven te scheiden’. Willem Arondéus, homoseksueel verzetsleider. In: Klaus Müller en Judith Schuyf (red) Het begint met Nee zeggen. Biografieen rond verzet en homoseksualiteit 1940-1945. Amsterdam 2006, pp.59-92.

Paul Verstraeten, ‘Toni Boumans filmportret van de verzetsstrijder Willem Arondéus: wel een Gerrit van der Veenstraat maar geen Willem Arondeusplein’. In Homologie 3 (1990) 36-39.

Filter